maandag 15 juni 2009

Toeval of niet

Scherpenheuvel - Tienen 20 km 8:20-14:30 bewolkt, later regen

Als de deur achter me dichtslaat zie ik een leuke vrouw met in haar armen een paar mooie japonnen op weg naar haar auto. Eens even vragen of ze de weg weet. Nou, dat viel wel mee, maar het plaatje was wel aangenaam.
De Tiendse Steenweg is een bijna kaarsrechte streep van Diest naar Tienen. Het lijkt wel de Zevenheuvelenweg (en nog een paar meer en hoger) op de derde dag van de Nijmeegse Vierdaagse. Dan vallen de slachtoffers. De toch al getergde kuiten en de met blaren bedekte voeten vergen het uiterste van de lopers.
Goed voor mij is het de kortste weg. Bovendien hoef ik niet steeds op mijn kaart te kijken. Net als ik een boterham wil gaan eten, komt een oudere man zijn tuinpad af op weg om z´n brievenbus te legen. Hij spreekt me aan. Ik vertel hem het verhaal en vraag of ik even op zijn muurtje mag zitten. Enkele ogenblikken later zit ik in de keuken aan tafel en zet zijn vrouw een bak koffie. ´Het was geen toeval, dat ik u zag´, zegt de man, ´normaal leeg ik de brievenbus veel eerder. U keek wat vermoeid en glimlachte naar mij´. Hij was juwelier, inmiddels 15 jaar gepensioneerd. Ze wonen in een kast van een huis en zijn beiden begin tachtig en nog behoorlijk vitaal. Dat komt door het trappenlopen en de tuin die hij zelf onderhoudt. Hij verkocht alleen echt zilver en goud. Klanten moesten aan de deur bellen om in de winkel te worden toegelaten. Een keer kreeg hij een doosje van zijn winkel met daarin een communiekettinkje met een kruisje ter reparatie. Het bleek echter een verguld kettinkje te zijn, dus niet uit zijn winkel. De gulle gever had de communikant genept en dat kwam nu uit.
Na drie kwartier ga ik weer verder op zoek naar de Alexianen in Tienen. Eerste adres geen reactie, maar er staat een ´bij afwezigheid´ aangegeven. Wel ja, een psychiatrische kliniek. Dat kan er ook nog wel bij. De vrouw achter de balie verwijst me naar weer een ander adres. Niemand thuis. Terug. Ze zijn er pas om zes uur. Op naar de bibliotheek. Voorkant dicht, dan de achteringang maar. En zo zit ik mijn weblog bij te houden in de loze uren.
Als de deur van het oude pastoriehuis opengaat, komt er een walm van rook me tegemoet. Geen wonder de asbak puilt uit. Martin en Erica kunnen met hun teerproductie de Belgische wegen van een goede asfaltlaag voorzien. Ze komen oorspronkelijk uit Belgisch Limburg en zullen nooit een Tiener worden. Martins knie is tijdens een voetbalpartij moedwillig kapot geschopt. Het gekraak was tot buiten het veld te horen. Acht maanden ziekenhuis, veel looptraining en nog steeds last. De tegenstander is voor het leven geschorst.
Tienen heeft vijf kerken, waarvan twee hele grote. Het kapelletje is jammergenoeg dicht. Nu kan ik geen kaarsje voor broeder Bert opsteken. Voor het oorlogsmonument zit een jongen met een blonde paardestaart gitaar te spelen. Even luisteren. Hij komt Eghezée en spreekt amper Nederlands. Hij speelt bas in een grunge-band à la Nirvana. Hij heeft pas een akoestische bas gekocht, een soort XL gitaar met vier snaren. Hij glimt erbij als hij het vertelt. Nee, grunge is niet agressief, eerder somber. Ze hebben een CD uitgebracht en een website. Trrr, een telefoonje van Andrea, hoe het gaat. Nou eigenlijk wel goed, mijn benen doen het beter en de pijn is een stuk minder. Ik zeg de gitarist gedag.
Onder de koffie vertellen Martin en Erica nog verhalen over slangen die ze in de kamer hadden en de opvang van zwervers. Tegen tienen lig ik in bed.

1 opmerking:

  1. ha e.a.z.

    de eerste taalgreens gepasseerd, en al bijna 200 kilometer. ik zie ook op de routekaart dat je nu op een gr-pad bent aangeland wat met een beetje mazzel betekent dat je nu minder tijd kwijt bent met zoeken en de weg vragen (hoewel dat natuurlijk ook de sjeu is). je hebt dat langharig jong mensch natuurlijk toch wel even verblijd met een stukje rotterdams fingerpicking hoop ik. wandel ze!

    charles

    BeantwoordenVerwijderen