dinsdag 8 september 2009

Clara

Viana - Ventosa 29 km 7:50-15:40 zon

Lekker en lang geslapen in een heerlijk bed. Om tien voor acht stappen we in een rustige ochtend richting Logrono, een grote stad. Dat betekent lopen langs autowegen en door industrie. Geen leuke omgeving voor een wandelaar. In een hek langs de weg zijn van hout, bloemstelen en plastic honderden kruizen gestoken.
We schampen eigenlijk de oude binnestad van Logrone. Aan een echtpaar vraag ik, waarom hun kind in zo´n mooi roodgeblokt uniformpje loopt. Het is de eerste dag van het nieuwe schooljaar, antwoorden ze. En die meneer is peregrino, zeggen ze tegen hun dochtertje.
Het pad loopt langs een meer en later door wijngaarden. Claude kan het niet laten een tros druiven te plukken en onder de kreet Le fruit du Bon Dieu geeft hij me een handvol. Zo begon de zondeval ook, denk ik dan, maar lekker zijn ze wel en het dient een goed doel.
De zon doet er nog een tandje bij en schaduw kun je hier wel vergeten. We lopen nog wat verkeerd ook en ploeteren nu dwars over een paar akkers om weer bij de weg te komen die naar Sorés gaat en vandaar naar Ventosa. Als we even in Ventosa uitpuffen belt Leonie. Hoe gaat ie, heb je het nog naar je zin? Ik vertel over Claude die ik inmiddels al weken ken en van wie ik aardig Franse les krijg. Ze gaat naar Zuid-Afrika om als vrijwilligster aids-patiënten te verplegen. Het verbaast me eigenlijk, dat een vrijwilligster zelf haar reis en onderkomen moet betalen, je werkt al voor nop en nu kost het nog geld ook. Ik vind het dapper op haar leeftijd, mijn zegen heeft ze, als ze maar niet naar een oorlogsgebied gaat waar ze zelf slachtoffer kan worden. Ik krijg haar liever niet in een body bag thuis.
Claude is getekend en bekaf. Bij de auberge aangekomen blijkt deze vol, we kunnen nog een matrasje krijgen op de grond. Claude gaat daar tegenin. Ik sus hem. Ik vind het verspilde moeite om dingen proberen te veranderen, die toch niet te veranderen zijn. Dat is geen laksheid van mij.
Na zessen komen de bewoners van Ventosa als weermannetjes en -vrouwtjes naar buiten, het wordt eindelijk aangenaam koel.
Jos, de Belg die al een paar etappes bij ons is, zit aan tafel. Hij loopt de Camino Francés al voor de vijfde keer. Ik moet daar niet aan denken. Claude probeert hem te bewegen ook eens in Frankrijk te lopen en somt daarbij alle voordelen op, maar het vergeefs.
Claude vertelt ook nog dat ik op een avond in Larrasoaña in een restaurantje op de piano heb gespeeld en dat de dame, Clara heet ze, tot tranen geroerd was. Sinds de dood van haar moeder een jaar geleden had er niemand meer achter gezeten. Wat muziek al niet teweeg kan brengen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten