zondag 4 september Montale - Fiorenzuola 18 km 08:50 - 12:50 regenachtig
Vrij laat word ik wakker, laat in slaap en regelmatig wakker geworden door het vele autoverkeer en de warmte, gelukkig was klokslag tien tevens de laatste, en loop naar de keuken om water op te zetten voor de pasta.
Tegen de tijd dat we gereed zijn voor vertrek begint het te regenen, maar gelukkig blijft het bij een buitje.
Even buiten Montale steekt een loslopende hond de weg over, Claude probeert het beest naar de kant te krijgen, het beest snapt er echter niets van, kennelijk een taalprobleem.
Hoewel ik uiterst langzaam loop, ik word moe van mezelf, blijft Claude achter. De Nure heeft een brede bedding die nu droog staat, maar in de winter waarschijnlijk een kolkende massa herbergt. Pontenure dankt in ieder geval aan de brug erover haar naam aan. Claude haalt me bij en ik probeer uit of hij nu de route aangeeft die hij gisteren op zichzelf heeft bedacht, nee dus, ik loop rechtdoor.
In Cadeo, bak koffie, Claude zit eronder als ik van het toilet terug kom. Dat had ik pas geleden toen een fles Cola bij het openen ineens heftig begon te spuiten. Je plakt aan alle kanten, niet leuk.
Het gaat weer regenen, poncho aan. Als we Fiorenzuola binnenlopen steekt er een zo te zien Nederlands stel met rugzakken over. Pelgrims, vraag ik. Ja, ze zijn net gestart en doen het laatste stuk van hun tocht van Maastricht naar Rome. Ze willen hier op hetzelfde adres als wij overnachten en we gaan gevieren verder. Hebben jullie getelefoneerd, vraagt de man. Ja, getracht, maar het Italiaanse net ... Probleem, er zijn anderen, en nu moet ik een tweede kamer openen. We komen op een klein kamertje met twee stapelbedden, waarin ook nog een kinderledikant staat, een opgeklapt bed en twee kasten. Buiten begint het te hozen.
Johannes en Frieda zien er jonger uit dan ze zijn, hij trekt met zijn linkerbeen, MS in niet progressieve vorm, verklaart hij. Ze hebben veel al gelopen, ook in Nederland. Hij werkte bij Akzo en is er vijf jaar geleden met een regeling uitgegaan. Zij zijn weer in Friesland gaan wonen en zijn, leuk om langs te gaan, een adres van Vrienden op de fiets.
We heben een probleem met de sleutel, er is maar één sleutel voor twee koppels, dat gaat nooit werken. Ik probeer nog een tweede te krijgen en loop naar de secretarie. Daar zit voor de ingang een jonge Duitse knaap met rugzak en ik bel voor hem aan. Er wordt open gedaan en we moeten wachten, en het duurt. Ik loop weer onverrichter zake naar Johannes en Frieda en zeg, terwijl de Duitse knaap door een man wordt binnen geleid dat zij de sleutel wel kunnen meenemen. Foutje blijkt later als ik Claude zie, want de laatste die het huis verlaat hoort de sleutel hebben, stelt hij. Ik vraag hem, of ik wel eens wat goed doe, terwijl hij slaapt doe ik boodschappen en regel ik dingen, en dan gaat er wel eens wat anders dan je zelf zou doen.
Terwijl ik deze blog schrijf kijken Mona Lisa en Marylin Monroe beiden met hun eigen glimlach toe, een mooie combinatie, zeg ik tegen de waardin, een vrouw van rond de zeventig. Het brengt een gesprek op gang en ze vindt het leuk te praten.
's Avonds gaan we met alle pelgrims, dat zijn vier Nederlanders, twee Duitse knapen, een Fransman en later komt Thierry, een Belg, ook aanschuiven, naar de pizzeria. Ik praat met de Duitse jongens, die in Pavia zijn gestart en nooit eerder lange afstanden hebben gelopen. Ze willen tot Siena komen. Thierry, die vanaf zijn woonplaats loopt, drinkt volgens zijn zeggen nooit bier, bestelt nu een literglas, en daar zit je dan als Duitser met zo'n klein glaasje, zeg ik tegen mijn overbuurman. Al met al is het heel geanimeerd.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten