woensdag 12 juni 2013

Kapellenpad

Wo 12 juni Vierlingsbeek - Swolgen 21 km 8:25-15:45 bewolkt
Chris ligt nog zachtjes snurkend op een zij, als ik de ontbijttafel klaar maak. De niet genuttigde broodjes nemen we belegd mee voor onderweg, er is tenslotte voor betaald. Chris stond op met stalen kuiten en vanwege een schuurplek op een voet trekt hij twee sokken over elkaar aan.
Behalve de St. Laurentiuskerk staat er verderop het protestantse Koningskerkje uit 1811, genoemd naar koning Lodewijk Napoleon. Toevallig ligt het kerkje ook aan Willem I straat.
In Holthees bezoeken we de witte Mariakapel en steken er een kaarsje op. In een parkje naast de kapel vormen zeven schilderwerken van Tamme Hoekstra een statieweg over de Zeven smarten van Maria. Ik vind de afgebeelde figuren nogal macaber. Even verder in Smakt staat de St. Jozefkapel uit 1699. Jozef is de beschermheilige van het gezin. Net na Smakt missen we een law-teken en daardoor komen we twee vrouwen tegen met een teckel, ofwel een potloodslijper, volgens Chris. Het pad voert ons ook langs de St. Willibrorduskapel uit 1543. Er is ook een waterput van eeuwen daarvoor met volgens de overleveringen geneeskrachtig water tegen oogziekten. Een paal markeert de grens tussen Brabant en Limburg. Na de pauze nemen we het pad naar de Rosmolen. Ons is niet duidelijk waarvoor een rosmolen dient. Het hele complex is fraai gerenoveerd. De beek meandert door het bos.
Na Wanssum staat er weer een kapel, de St. Goarkapel uit 1662. Deze sint is de patroonheilige tegen koude en bibberkoortsen. Nu ik dit schrijf zeg ik tegen Chris, dat het tegen de koude is. 'Dan moeten toch nog even terug', antwoordt hij.
In Meerlo loopt het water bij Chris uit de mond als hij een bakker passeert. Hij gaat spontaan naar binnen, bestelt een koffie en een abrikozenflap, en nestelt zich genoegzaam in een stoel.
Gastheer Piet heeft ons zien bellen en komt uit het huis van de buren aangelopen. We worden aan een zelfgemaakte ruwhouten tafel gestald en voorzien van koffie en thee. Hij fietst en loopt zelf ook en heeft Santiago al een aantal keer bezocht. In Japan heeft hij de route langs 88 boeddhistische tempels gelopen, heel zwaar, omdat bijna alle tempels op een top staan.
In het dorp is een veel te chique tent en de mensen kijken je bijna weg. Nou we gaan al, ik vind het toch veel te duur. Het alternatief is een cafetaria en de kwaliteit is ernaar. Voor mij stond op de kaart dat het een nasischotel zou zijn en de leren lap op Chris' bord zou voor schnitzel moeten doorgaan. Gelukkig had hij zich tevoren tegoed gedaan aan een portie bitterballen, minus een die hij geheel belangeloos aan mij offerde. Nou ja, het was goedkoop en vulde.
Ik ga terug naar het gasthuis om nog wat zaken voor de komende dagen te regelen, terwijl Chris op het terras achterblijft. Ik deel het resterende deel van het Pieterpad op in vijf etappes, nog twee lichte en drie zware te gaan, en regel de overnachtingsadressen. Dochter Leonie wil zondag aanstaande meelopen maar ik raad haar af om voor één dag een lange heen- en terugreis te maken, terwijl ze bezig is met examens voor haar werk. We kunnen altijd nog een keer gaan lopen als ze meer tijd heeft, en dat spreken we ook af.
Terug bij het cafetaria blijkt Chris zich vermaakt te hebben met een paar jongemannen en veel bier. Ze probeerden de jeu de boules baan uit die kennelijk was opgeknapt, maar waar nog steeds kuilen in zitten. Ze waren er in ieder geval niet tevreden over, maar het is volgens Chris hun enige vertier.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten