donderdag 14 mei 2015

Stierenvechten

Do 14 mei Grimaldo - Carcaboso 32 km 6:50-15:40 zon/heet
Lekker, zo alleen in een herberg. Kun je alles op je gemak doen. Ik lig vroeg op bed om de hitte te ontwijken, maar slapen doe ik eigenlijk niet. Tijdens zo'n lange wandeltocht doe je heel veel indrukken op en die moet je verwerken. Ik denk nog aan het gesprek met Luis. Hij had het over de uitspraak van het Spaans. In Extramadura spreken ze de laatste s van een woord niet uit: mas wordt ma. Maar zegt hij in Andalusie wordt de s uitgesproken als z, wat de Engelse klank th in thing is. Casa wordt dan caza, wat jacht betekent. Dat wetende moet je nagaan, wat huizenjacht wordt.
Het eerste deel van de tocht is geweldig. Ik loop door een prachtig stuk natuur, de zon is bezig met de voorbereidingen voor deze dag en de vogels zijn wakker en kwetteren er lustig op los. Dit alles omlijst met diverse kleuren bloemen, mijn dag kan niet meer kapot. Ik zelf misschien nog wel. Dat gekwetter van de vogels doet me denken aan het liedje: Vogeltje wat zing je vroeg, is de dag niet lang genoeg enz. van Paul de Leeuw. Zelf ben ik er geen grote fan van, maar mijn eega des te meer.
Het hek is inderdaad dicht, zoals me gisteren is verteld en twee kilometer terug op de weg is aangegeven. Ik moet iets terug lopen, door het hoge gras heen en dan door een ander hekje. En zo sta je aan de andere kant van het gesloten hek. Nu nog een kilometer tussen de koeien door. Sta ik daar ineens in San Gil, 2 km ten oosten van Galisteo. Dat was niet de afspraak. Ik heb echt de pijlen gevolgd. Het is al goed warm en om niet nog meer te dwalen loop ik over de weg naar Galisteo, een oud vestingstadje. Hier ga ik in een restaurant uitgebreid op adem komen, want het ergste staat me nog te wachten. Tien kilometer over asfalt en nauwelijks schaduw. Laten we het er niet te lang over hebben, redelijk moe kom ik in Carcaboso aan. Als eerste bestel ik een grote bier. Luiciano zit ook binnen. Hij is vanochtend vroeger vertrokken en heeft niet omgelopen. Na drie keer ken je de weg wel. De barman roept senora Elena, een dame op leeftijd en naamgeefster van het hostel. We hebben tegelijk lol met elkaar. Als we op weg gaan naar mijn kamer zet ik haar mijn hoed op en pakt ze mijn stokken.
Wat een vreselijk dorp. Het stond al in de gids. In een restaurant tref ik het Nederlandse stel dat de Via per fiets doet. Aan de dame achter de bar vraag ik of ik kan eten. Over een half uur, antwoordt ze. Ja, in Spanje is acht uur al vroeg voor het avondeten. Op de tv is een stierengevecht aan de gang. Het beest wordt eerst opgehitst door de toreadores, dan komt de picador aan bod die zittend op een paard het dier met een lans in zijn nekspieren steekt, gevolgd door de lansjes met weerhaken, waarna de matador het werk mag afmaken. En dat allemaal onder luid applaus van een bomvolle arena. Het beest wordt daarna weggesleept en de arena wordt aangeharkt voor de volgende patiënt. Hier ligt nog werk voor de Partij voor de Dieren, maar ik dacht dat het in het Europese parlement al eens behandeld was en over afschaffing geen overeenstemming werd bereikt.
Het avondmaal gebruik ik met Luiciano en Michael, een Welshman, en we hebben gezellige gesprekken.
Voor het hostel zit senora Elena. Ze vraagt of ik nog even bij haar kom zitten. Het is al sterk afgekoeld. Morgen hoef je pas om acht uur te gaan lopen, want het wordt niet zo warm, zegt ze.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten