woensdag 27 mei 2015

Jorge

Wo 27 mei Mombuey - Puente de Sanabria 31 km 7:20-13:55 zon Mopperend stapt de bardame uit de auto en opent de deur van de bar. Zeven uur, het is vroeg. Maar ze kan op dit uur wel gemakkelijk 30 Euro of meer omzetten. En dat is voor hier een aanzienlijk bedrag. Langzaam draait ze bij en heeft in korte tijd ons ontbijt klaar. Lange tijd loop ik met Jorge op. Hij vertelt hoe ze vroeger met het gezin van vader, moeder, dochter en zoon met Seat naar een grote stad op vakantie gingen. Ze woonden in Baskenland en reden honderden kilometers. Het autootje kwam amper de bergen op. Hij moet zijn chef bellen om contact te houden. Hij heeft wel toestemming gekregen om zes weken weg te blijven, maar wil wel zeker weten dat hij nog terug kan komen. Als beveiliger heeft hij geen topbaan, maar is hij wel verzekerd van een maandelijks inkomen van 1000 Euro. Hij heeft een jaar universiteit gedaan, dus dom is ie niet, maar hij hield toen meer van andere dingen. Een universitaire studie is in Spanje trouwens geen garantie voor een baan. Veel afgestudeerden zoeken hun toekomst in het buitenland. En zo draait een land het putje in. In Palacios de Sanabria kunnen we eindelijk wat eten en drinken in een bar. Luiciano wordt eens lekker over zijn bol geaaid door de barvrouw. Daar heeft hij zelf wel wat moeite voor moeten doen, door duidelijk aan te geven met een anekdote wie hij is. Ja, hij komt hier al voor de vierde keer. Dan word het tien kilometer langs de weg lopen. Alberto en Marcello doen niet anders, maar wij willen graag wat meer zien dan asfalt. De hele ochtend hebben we door een bosgebied gelopen met overal bloeiende bremstruiken. M'n tere neus werd erdoor op de proef gesteld, maar hield zich dapper. En nu zwart asfalt. Er komt geen eind aan. Puebla de Sanabria heeft een oude kern, die hoog boven de nieuwbouw uitrijst. Ik wil hem wel gaan bezoeken, maar andere zaken houden me voorlopig tegen.
We zitten in het restaurant en er hangt kunst aan de muur. Twee grote met vlakverdelingen in de vorm menselijke figuren. Het doet me denken aan Escher. Deze zijn echter van Sicot Achille en C. Guilo.
En zeker ook de warmte. Met Alberto ga ik boodschappen halen voor pasta. Een supermercado is nog geen Nederlandse supermarkt. Het duurt en duurt bij de versbalie, en we hebben alleen maar een ui nodig. Ook bij de kassa vormt zich een rij door een oudere vrouw met een kar vol boodschappen, die net de versbalie leegkocht. Alberto nodigt me uit voor een pilsje en hij vertelt, dat hij zo rond 6 juni in Muxia wil zijn. In de herberg maakt hij een eenvoudige doch lekker smakende spaghetti. Ik heb hem al een paar keer over proberen te halen voor stamppot, maar alles door elkaar houden Italianen niet zo van. Ik heb geld nodig voor de komende dagen, je weet hier nooit precies waar je het kunt tappen, dus ga ik naar het oude centrum. Dat ligt aan de andere kant van de rivier en daar op zeker dertig meter hoog. Mijn bord spaghetti is tegelijk omgezet in arbeid. Fraaie oude kern moet ik zeggen, alleen de geldautomaat blijkt beneden aan de weg te zijn. Heb ik toch weer zoveel hoogtemeters extra gemaakt. Een pelgrim heeft ook nooit rust. Als ik terug ben gaan Gilbert met Alberto en ik naar de bar voor een koffie-rujo. Daar zitten ook de anderen te eten en naar tv te kijken. Een Russische ploeg speelt tegen Sevilla, met rust is het 2-2.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten