Di 12 mei Caceres - Tajo stuwmeer 33 km 6:15-14:05 zon/warm
Van slapen kwam de eerste uren niet veel. De kamer lag aan het Plaza Mayor en tot middernacht genoten mensen van een drankje en het goede weer, en daarna moesten alle terrassen worden ontruimd. Waarom dat laatste gebeurt lijkt mij zinloos, want morgen moeten alle stoelen, tafels en parasols weer worden terug gezet. Ik heb een uur horen slaan. Daarnaast was het ook goed warm. Om een indruk te geven: 44 graden in de zon, later op de avond 33 graden, vanochtend toen ik buiten liep voelde de stad nog warm aan. Mijn horloge geeft om 5:45 uur met wat biepjes aan, dat ik er uit moet.
Als ik om even na zessen voor de voordeur sta, blijkt deze niet open te kunnen. Ook de kamersleutel biedt geen soelaas. Dan maar bij de hospita aangebeld. Die verschijnt direct in haar dagkleding van gisteren, alsof ze hierin is gaan slapen. Nou ja, dat doen wel meer mensen. Ze gaan echter nooit in hun negligé naar het werk. In ieder geval doet ze de deur elektrisch open. Ik vraag me dan af, wat er gebeurt bij brand.
Ik loop door de niet afgekoelde stad. Pijlen en andere aanwijzingen zie ik niet, maar volgens het boekje moet ik de Calle Zapateria in en rechtdoor. Dan linksom de arena, rechtdoor en bij een grote rotonde oversteken en een landweg op. Die laatste is afgesloten en ik gok dat ik de weg naar het noorden moet volgen. Voor de duidelijkheid, het is donker en ik ben hier nog nooit geweest.
Ik loop langs de weg. Mensen hebben haast. Maar om iemand nou van de vluchtstrook af te rijden. Een automobilist verontschuldigt zich, hij wordt zelf van achter aangevallen en wijkt in mijn richting uit. Gelukkig kan ik na een paar kilometer een pad langs de weg volgen. Dat geeft een veiliger gevoel. De zon is inmiddels boven de horizon verschenen en staat oneindig ver. Op een stenen bank geniet ik van mijn ontbijt. Casar de Caceres is een langgerekt dorp. Fraai te noemen. Aan het eind beginnen de graslanden. Zo ver ik kan kijken: gras en soms een enkele boom. Het silhouet van een koe onderbreekt soms de oneindigheid. Wat de hebzucht van een koning met de bouw van zijn onoverwinnelijke Armada hier voor eeuwen schade heeft aangericht. Ver voor me zie ik een pelgrim lopen. Ik herken de gestalte niet. Het gehele landschap doet me aan Schotland denken: muurtjes, oneindige leegte, af en toe wat vee. Dit is alleen de droge en hete versie. Na elven gaat de zon weer op turbo. Dit land kent geen genade. Overal liggen grote rotsblokken. Misschien kan iemand verklaren hoe die hier zijn gekomen. Van een hoogspanningsmast hoor ik: koekoekoek. En na wat speuren ontwaar ik een vogel met een kuif. Voor nadere bestudering maak ik wat foto's.
Ik haal de onbekende gestalte in. Het blijkt Luciano te zijn. Hij is een einzelganger. We wisselen wat woorden en ik ga erop en erover.
Bij het Tajo stuwmeer wordt een nieuwe snelweg met bruggen aangelegd. Voor de pelgrims betekent het omlopen. Een knaap die het verkeer regelt, voorzover dat er is, geeft aan dat het over de weg korter is. Nog zeven kilometer over asfalt. Het is bijna niet uit te houden, wat een hitte. Ik ben afgeserveerd als ik bij het hostel aankom. Eerst een Cola, zeg ik.
Het hostel is nieuw. Ik krijg een mooie kamer. Wanneer ik wil eten, wil de waard weten. Ik wil alleen maar bijkomen.
Mijn waarde neef Ton is jarig. Jongen van harte gefeliciteerd. Neef is een ware vliegtuigenfanaat. Hij heeft duizenden vliegtuigen gespot en op zijn computer is simulatiesoftware geïnstalleerd, waarmee hij met elk type vliegtuig van en naar bijna elk vliegveld kan vliegen. Toen hij het mij een keer wilde demonstreren crashte z'n computer. Zo zie je, vliegen blijft gevaarlijk.
De groep is aardig uit elkaar gevallen. Jorge zou in Caceres blijven. Gabrielle heb ik niet gezien en ook Carmen en John ontbreken. Alleen Pavarotti ken ik een beetje, maar we hebben geen klik. Verder is er een Spanjaard. Zijn ogen liggen diep in hun kassen. Hij loopt per dag 40 km of meer. Hij doet veel aan lange afstandslopen bv 100km over bergterrein.
Onder het avondeten krijg ik Spaanse les, want een andere taal wordt er niet gesproken. Ik kan het inmiddels aardig wat volgen. Dat zei Carmen gisteren ook nog, maar zelf wat zeggen is iets lastiger. Het gaat wel steeds beter. De waardin zegt, dat verschillende herbergen in de volgende dorpen gesloten zijn. Dit vraagt om een bijstelling van de planning.
woensdag 13 mei 2015
Oneindige leegte
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten