Vr 22 april Moclin - Alcala la Real 22 km 08:40-15:10 zon, bewolkt
De tostados voor het ontbijt mogen we zelf roosteren. Dat blijkt een hele kunst, enkele komen zwart geblakerd van het apparaat. Nu nog naar de panaderia, om half acht kreeg ik nog geen brood, maar nu om half negen is de bakkerij dicht. Een kleine tien minuten later komt de bezorger die het brood in de verschillende gehuchten gaat verkopen en voor zeventig cent krijgen we een volkeren stokbrood.
Het gaat hard naar beneden en door de klei. Anna geniet weer. De vergezichten over de olijfboomgaarden zijn geweldig. De bomen staan keurig in gelid.
Er laait tussen de olijfbomen steeds een vuur op. Het lijkt wel het brandende braambos van Mozes, zeg ik. Hem werd door Jehova de vraag gesteld het volk van Israël uit Egypte te leiden. Mozes twijfelde echter aan zijn eigen kunnen.
Willen we in Cequia aan de koffie, blijkt de gehele bediening ingezet te zijn om het schoon te maken en te verven. Voor een kerkje staan twee banken. De anderen willen even zitten en ik ga een gesprekje aan met wat inwoners. Het lukt steeds beter.
In Las Pillas is daar dan toch een open bar. Het is inmiddels tijd voor de lunch. Rust wordt ons niet gegund, een servicemonteur gaat bezig aan de gokkast. Vooral het tellen van de munten maakt herrie.
In de verte is het kasteel en de kerk van Alcala la Real al te zien, maar het is nog een heel eind. In het dorp gaan we op zoek naar een hostal. Een keurige dame op leeftijd loopt helemaal met ons mee naar Zacatin, wat volgens haar schoon is. Onderweg babbel ik wat met haar. We kunnen een vierpersoonskamer boeken voor 68 Euro.
Wij naar buiten, de uitbater van Zacatin wilde pas om half negen aan het avondmaal beginnen, om een maaltijd te scoren. Het wordt voor mij een pizza en terug nog een neut om goed te kunnen slapen met Ben boven me.
Gisteren vertelde Ben dat de kroeg De Wildeman in Vierlingsbeek, waar Chris en ik het Pieterpad lopend hebben gegeten en een kunstzinnige serveerster Hilde hebben ontmoet die zelfs ons Berkel en Rodenrijs kende, eigendom was van zijn opa en nu van een paar nichten van hem. Ook de Vrienden op de Fiets waar we overnachtten is familie. Ik heb er destijds nog een blog aan gewijd.
vrijdag 22 april 2016
Het brandende braambos
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten