zaterdag 30 april 2016

Hop, hop, hop

Za 30 april Villaharta - Alcaracejos 19 km 08:55-12:20 zon
Onder het ontbijt vraagt Anna aan mij, of ik vannacht met mijn vingers hebt geknipt. Ja, dat heb ik. Een paar keer? Ja, een paar keer achter elkaar. Anna dacht, dat ik in mijn slaap muzikaal bezig was, maar ik wilde haar gesnurk stoppen en dat werkt op die manier. Ik zou een ouderwetse klikker moeten hebben die je vroeger nog wel eens cadeau kreeg.
Deze etappe heeft een lengte van 35 tot 39 km, het is maar in welk boekje je kijkt. Kees en Anna wilden al sowieso niet het hele stuk lopen en Ben loopt al dagen te tobben met een stevige verkoudheid, waardoor hij er ook van afziet. Ik ben ook geen liefhebber van etappes van ver boven de 30 km. We hadden van Gertjan al gehoord, dat Angel de waard van Mirasierra waar we slapen, de service biedt om pelgrims op 18 km van Alcaracejos met de auto af te zetten. Daar komt de weg in de buurt van de camino. Zo gezegd, zo gedaan. Angel legt nog uitgebreid uit hoe we moeten lopen en dat we voorzichtig moeten zijn bij het oversteken van de weg. Het verkeer rijdt er nogal hard.
Na nog geen kilometer lopen zien we de paal van de camino, 18 km te gaan. We horen de hop en beginnen te dollen. Nee, dit is een koekoek die zich voordoet als een hop. Hop, hop, hop, paardje in galop. Anna komt er maar niet tussen en vaart ineens tegen mij uit, dat ik iedereen maar onderbreek en dat ik dat steeds doe. Volgens mij laat ik in een normaal gesprek iedereen zijn zegje doen, maar als we aan het dollen zijn, ja, dan ligt het anders. Maar, ik zal er op letten.
Het is een mooie ochtend. Gisteren was de weersverwachting nog regen, maar de zon doet prima zijn best. Ik geniet ervan en al snel loop ik uit en de rest van de tocht zie ik de anderen niet meer. Af en toe staat het padbreed onder water. Het heeft vannacht toch geregend, dat zagen we al aan de nevel die in de dalen hing. Gertjan vertelde een paar dagen geleden, dat het hier weken achterelkaar had geregend en dat er zoveel water was gevallen dat het de droogte van maanden heeft goed gemaakt.
Een knaap op een fiets vraagt of ik een loslopende hond heb gezien. Nou, nee, wel achter gaas. Hij verder.
Als ik Alcaracejos binnenloop klinkt uit een bar: All you need is love. Daar zou de wereld inderdaad mee geholpen zijn. En, vraagt de man van de supermercado grijnzend, 38 km gelopen? Watje, kun je van zijn gezicht aflezen, als ik hem zeg, dat ik op de helft ben gestart. Ik bel Fernando met de vraag waar het Convento is, maar hij zegt dat hij in hostal Las Tres Jotas slaapt. Ik neem een eenpersoonskamer in het hostal, vannacht geen gesnurk!
Ben belt mij om te vragen waar ik verblijf. Hij neemt ook een kamer voor zichzelf. Kees en Anna komen twee uur na mij aan.
Ik luier de middag door, even alleen, en ga tegen de avond naar de bar. Daar zitten de anderen te lezen. Fernando zit tv te kijken en ik wil hem vragen over de Convento. Hij biedt me een cana aan en we zitten lekker te praten. Het Convento is niet in dit dorp, maar het volgende. Hij vindt het vreemd, dat hij een paar dagen geleden bij Gertjan en Maria niet aan de tafel met Nederlanders is uitgenodigd. Bij Spanjaarden zou dit nooit gebeuren, je laat iemand niet alleen aan een tafel zitten, die nodig je uit. Ik leg hem uit, dat wij dat als Nederlanders anders voelen: het is niet iemand buitensluiten, maar juist voorkomen dat iemand in de situatie terecht komt waarbij hij het gesprek totaal niet kan volgen en zich ongemakkelijk voelt. Door al die verschillen wordt het nooit wat in de EU.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten