woensdag 10 juni 2009

Tot in de eeuwigheid Zijn Genade

Breda - Zundert 22 km 9:15-16:15 zon-bewolkt-spetters

Als Charlotte wakker wordt, heb ik al gedoucht en gegeten. Overbodige dingen laat ik bij haar achter: wat kleding en een boek van Jan Siebelink, die Knielen op een bed violen schreef. Als je iets wil lezen hoe beklemmend een godsdienst kan zijn, dan is dit boek een aanrader. Al met al een kilootje minder.
De route loopt door het Mastbos, waar Marjolein vroeger vaak met haar paard is geweest. Op een bank zitten een paar zwervers. ´Goede reis´, wenst de paardestaart me toe, terwijl de andere zijn haveloze gebit bloot lacht. In het bos vraagt een vrouw, waar ik heenga en of ik kampeer. ´Naar Santiago´, antwoord ik. ´Nou daar heb ik wel bewondering voor, succes!´
Bij Rijsbergen wijst een man me de weg: ´Bij het kapelletje links´. Het kapelletje blijkt niet meer dan een vitrinekast, van waaruit Maria met kindeke Jezus op haar arm toeziet hoe ik een boterham oppeuzel. Dan loop ik me vast op een camping. Dit geintje kost me bijna een uur extra.
In het klooster Maria Toevlucht ontvangt een monnik in een grijze pij me. ´Wat te drinken? Koffie? Thee?´ Omdat ik de enige gast ben, wordt het gastenverblijf grondig schoongemaakt en slaap ik in een noodkamer bij de portiersloge. Prima, er staat een bed en er is een douche met toilet. Om vijf uur woon ik de vesper, de avonddienst, bij. Ruim twintig monniken zitten in witte pijen met ongemakkelijk lange mouwen in twee rijen tegenover elkaar. Er is een voorzanger die telkens een vers zingt, waarna de andere monniken met ´Tot in de eeuwigheid Zijn Genade´ antwoorden. Het lijkt een beetje op shanten, het voordragen van mantra´s, begeleid door een klein pijporgel.
Om zeven uur is het avondeten. Gastenbroeder Gilbert heeft de gang van zaken uitgelegd. De eetzaal is een stilteruimte, er wordt geen woord gezegd. Alhoewel, in de hoek zit een monnik bijbelteksten op te lezen, wat uit luidsprekers door de ruimte schalt. Ieder eet zo snel mogelijk zijn boterhammen op, staat dan zwijgend op, slaat kijkend naar een Jezusbeeld een kruis, en spurt de zaal uit. Gezellig is anders. Later heb ik een gesprek met een monnik die zelf ook naar Santiago is geweest. Hij geeft me een ingezegende Maria-penning mee. Die krijg je bij de ochtenddienst in Vézelay. Hij vraagt me aan de pastoor aldaar een paar extra penningen te vragen en vanuit Santiago naar hem op te sturen.
Dit is voor het eerst dat ik op een Azerty-toetsenbord werk en dat is knap lastig. De toetsen daarop liggen namelijk anders dan op ons gebruikelijke toestenbord.

1 opmerking:

  1. ha jan,

    dan van die mantra's klinkt bekend. ben tot m'n twaalfde wekelijks een half uur met dit soort onzin geconfronteerd. week in week uit meemompelen uit het zelfde boekje. inhoud? ho maar! uiteindelijk maar misdienaar geworden om dat halve uurtje nog enigszins door te komen. ik snap die protestanten van een paar eeuwen terug steeds beter.

    wandel ze!

    charles

    BeantwoordenVerwijderen