Les Bosceilles - Namur 20 km 8:45-15:15 zon
Ik vraag Victor zijn adres op te schrijven, zodat ik hun een kaartje kan sturen vanuit Santiago. Onder het adres schrijft hij: ´Merci pour votre passage dans notre famille, et bon pèlerinage à vous. N´oubliez pas une petite prière pour vous et pour nous. Merci, Victor´. Dat gebedje zal ik zeker doen.
Victor toont me zijn kerk en legt de beelden van de kruisweg uit. Voor we de kerk uitgaan steekt hij nog een kaarsje voor me op en prevelt een gebed. Bon pèlerinage. Wat een hartelijkheid voor een onbekende.
De Ravel loopt gewoon door tot in Namen. Een tochtje wordt het van zo´n 15 km. In Namen probeer ik wat overnachtingsadressen te bellen. Eén daarvan, aan de Maas, staat me wel aan. Geen antwoord. Dan loop ik naar een ander adres. Een forse klim. ´Ca est plus facile´, zeg ik tegen een tegemoetkomende vrouw met kinderwagen. Ze beaamt dit lachend. Op het adres is niemand thuis. Aan de Maas staat ook nog de Jeugdherberg. Verhip ik loop al een tijdje langs de Sambre. Even niet opgelet. Dat water lijkt ook allemaal zo op elkaar. Terug om de Citadel. De Maas is breder. Daar ligt een boot uit Schoonhoven. ´Een hoop onderhoud, hè´, zeg ik tegen de kapitein die in de kuip zit te lezen. Hij heeft een oude vrachtboot, die is omgebouwd tot pleziervaartuig. ´Je moet wat te doen hebben. Waar ga je naar toe?´ Ik zeg dat ik naar Santiago ga en nu op zoek ben naar een slaapplaats, misschien in de Jeugdherberg een eindje verderop. Zijn vrouw komt even kijken.
Net als ik bij de sluis ben, heeft het echtpaar me op de fiets ingehaald. ´Je kunt wel bij ons slapen, in het vooronder hebben we nog plaats´. Ik vertel ze, dat ik nog geen twee minuten geleden naar mijn overnachtingsadres heb gebeld. Jammer, op een boot slaap je altijd wel lekker.
Een prima adres blijkt het. Een oud huis aan de Maas. De bel doet het niet goed. Ik biedt aan hem te repareren. Ik vraag Thérèse nog een dag te mogen blijven om mijn lichaam te laten herstellen, Namen te kunnen bezoeken en mijn weblog bij te werken. Ik loop al dagen achter. En wat kleren wassen kan ook geen kwaad.
We eten met z´n vieren. De vader is arts voor het ministerie. Hij onderzoekt de verspreiding van het Mexicaanse griepvirus. Hij heeft ook veel in de bergen gezworven van Peru en Bolivia. Vader en zoon praten veel met elkaar, zodat er voor deze pelgrim niet zoveel te zeggen valt.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten