dinsdag 21 juli 2009

Bijnamen

Issy-l'Evêque - Gueugnon 16 km 7:45-12:00 zonnig

Mijn teentje ziet er vandaag wat frisser uit. Ik veeg de vloer nog aan voor de volgende pelgrim. Alles schoon achterlaten staat er aangeplakt.
Bob Ross, de Amerikaanse TV-schilder, zou hiervan een prachtig schilderijtje kunnen maken in 25 minuten met uitleg erbij. We nemen de 2 inch kwast, dopen die in de verdunner en slaan hem goed af, flapflapflap. We mengen Van Dijk Brown met Sap Green en Cadmium Yellow, niet te veel, laat de kleuren nog uitkomen, en brengen dat met brede halen aan op het doek. Zo. Na tien minuten is het doek al aardig gevuld en geven deze boom nog een klein vriendje. Pak het mes en breng daarop een rolletje Dark Sienna en Titanium White aan. Kijk zo, niet te dik, netjes aanzetten. Al kwastend en schrapend ontstaat er een dambordpatroon van groen en geel met witte vlekken als koeien, dat wordt omlijst door het donkerder groen van de hagen en het bruin tot zwart van de boomstammen. Het blauw van de lucht en wit van de wolken contrasteert sterk. Ik heb er vaak met plezier naar gekeken.
Daar ligt een dode eekhoorn, nog vers zo te zien. Ik schuif hem in de berm. Inmiddels heb ik vele aangereden dieren gezien: egels die de middellijn net niet haalden, vogels die te laat opvlogen, en honderden slakken die te langzaam waren. Dat doet me denken aan bijnamen.
Thuis hadden we allemaal bijnamen. Henk heette paling, waarom? geen flauw idee. Broer Juul Prikkebeen, ik slak, dat vond ik minder, en Aage had zichzelf Akim de berendoder gedoopt. Bijnamen geven vaak een kenmerk van iemand aan: bril, rood haar, hazellip, bochel, mank en scheel. Daar kun je dan, zeker als kind, behoorlijk mee worden gepest, getreiterd zelfs, je een buitenbeentje gaan voelen en je afsluiten, hetgeen levenslang invloed kan houden. Onder wielrenners is het trouwens ook gebruikelijk.
In de mairie informeer ik naar een adres en word doorverwezen naar een gebouwtje ernaast. Dat blijkt de plaatselijke politie te zijn, die een opvanghuis voor daklozen in de aanbieding heeft. Dat lijkt me iets te gortig. Er blijkt ook nog een goedkoop, 25 Euro is voor een pelgrim niet zo goedkoop, te zijn, Hotel Les Voyageurs.
Inmiddels zijn alle winkels dicht, is het schroeiend heet geworden, en heb ik honger. De Turk biedt uitkomst, broodje kebab, patat en bier. Terwijl ik het zit te eten, kijk ik op de bevallige blote schouderpartij van een prachtige een toefje getinte jonge vrouw. Bon apétit! Bij het afrekenen zegt haar baas dat ze triest is. Ik vraag haar waarom, maar een echt antwoord komt er niet uit. Mooi blijft ze.
In het hotel neem ik het dagmenu. Thuis zou ik het niet moeten voorzetten, want dan ging het zo de bak in. Salade niçoise, zeg maar iets met rijst, een verdwaald olijfje en wat andere ondefinieerbare ingrediënten, porc, een paar plakjes ham met pasta en champignons, overgoten met een bruine drap, saus heet dat, het ziet er niet uit en het smaak daar ook nog naar, daar komt de compôte, geen flauw idee wat ik eet, maar het smaakt niet vies.
Ze blijkt van Algerijnse afkomst, de trieste schone. Zij en haar baas, een Turk, zitten buiten als ik het eten wandelend laat zakken. Ik schuif aan en er komt nog een groepje Turkse mannen bij zitten. Een beetje drinken en praten, meloen erbij, chips ook, het wordt nog gezellig. Een bar verder zit een aantal mannen en vrouwen, die elk wel ergens een tatoe hebben. Is dat besmettelijk?

1 opmerking:

  1. ha jan,

    broodje kebab, patat, bier. dat klinkt me allemaal als muziek in de oren. je ben overigens goed bezig, en je verhalen zijn om van te smullen. trouwens, ik denk dat de bijnaam van henk iets te maken heeft met de strip 'paling en ko' waar je zus het nog wel eens over heeft.

    BeantwoordenVerwijderen