Pommiers - Chabet 21 km 8:15-13:00 bewolkt, zon
De beheerder verzorgt me goed met het uitgebreide ontbijt. Hij snapt dat je op een croissant niet ver komt. Eindelijk ben ik van het slaapmatje verlost, ik geef het aan hem. Zaterdag vertelden de St. Jacques-gangers dat ik dat waarschijnlijk nooit zal gebruiken, 250 gram en een puist op de rugzak minder.
Er gebeurt niets vandaag, en ik ben ook niets vergeten.
In Montverdun is de kerk boven op de Mont gebouwd. Dat is weer een gezeul geweest met stenen en ander bouwmateriaal. Het menu van het restaurant toont heerlijke pizza's en omdat ik niet weet of ik vanavond nog iets normaals kan eten, geef ik me over aan deze hap. Binnen is binnen.
Aan een man naast me vraag ik of er een voetpad is naar Chabet. Even wachten, zegt hij, de burgemeester weet dat beter. En even later zit de burgervader uit te leggen, dat het voetpad niet goed, maar wel te doen is. En in de Mairie mag ik mijn blog wel bijwerken.
Ik staar uit het raam en beleef een innerlijke strijd: Foxy mijn trouwe metgezel is ziek en ...
Ria, mijn vrouw, was al jaren ziek, suiker, maar ze leefde er niet naar ondanks de waarschuwingen van de dokter. Het ging steeds slechter, haar ogen, die wond op haar linkerbeen. En opeens ging het snel. Op mijn verjaardag, overmorgen, is het 11, nee al 12 jaar geleden.
Eerst heb ik aan de lege plaats moeten wennen, maar eigenlijk al na enige weken, veel eerder dan ik had gedacht, begon ik mijn draai te vinden. Vroeger was ze heel gezellig en behulpzaam, maar de laatste jaren, sinds haar ziekte, praatten we steeds minder. Het leek wel of ze haar ziekte op mij afreageerde.
Toen ik Foxy zag, was ik verkocht. Zo'n hondje heb ik altijd willen hebben, maar Ria hield er niet van. Ze stinken en die vieze haren.
Hij stapte parmantig naast me en beschermde me tegen de grootste honden die we tegenkwamen. Door hem heb ik zelfs een vriendin gekregen, een gescheiden vrouw, hier een paar straten verderop. Ze werd helemaal vertederd door Foxy, toen ik hem een keer uitliet. Nee samenwonen dat doe je niet meer op mijn leeftijd, ja, af en toe slapen we wel bijelkaar, dat vinden we fijn, maar daar blijft het bij.
Foxy zit te zieltogen in zijn mand naast deur. Zijn ogen staan dof. De dokter heeft gezegd dat het snel zal gaan en dat hij er niet bij hoefde te zijn. Overmorgen.
De vrouw op de Mairie is vandaag weer voor het eerst aan het werk na haar vakantie. Er komen verschillende mensen voor akten en reispapieren. Een blonde vrouw heeft wel overdreven veel aandacht voor me. Ze ziet er goed uit. 'Ik val op donker, maar ik maak uitzonderingen', zeg ik altijd, maar zij hoort daar niet bij.
Bij aankomst op mijn overnachtingsadres krijg ik direct cassis met water. Die vruchtensappen maken veel mensen zelf. Haar man en nog een stel van mijn leeftijd zitten aan tafel. De antwoorden heb ik al klaar, stel de vragen maar. Ze helpt me met het volgende adres. Het wordt St. Jean-Soleymieux op 30 km, en dan moet ik her en der nog wat afsnijden.
Een kleine caravan wacht op me. Gelukkig heb ik een blik bonen met vlees en wat brood bij me, want een repas zit er niet in. Ik slaap vlak bij Etang César, het Meer van Caesar!
Voor ik echter in slaap val, moet er nog heel wat gebeuren. Wat een bed! Het bestaat uit vier dwarsliggende kussens, dus drie naden en je weet inmiddels hoe ik daarover denk, en het zakt door, het lijkt wel een hangmat. Het tweede kussen verwissel ik met het vierde, dat scheelt al, en ik leg een hoofdkussen onder het tweede om het gat eronder op te vullen, nu begint het wat te lijken. Ogen dicht en snaveltjes toe.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten