St. Maurice-sur-Loire - Pommiers 20 km 9:15-15:00 zon
'Een mooie dag om te lopen', zegt de vrouw bij de boulangerie, alias de bazin van het café, maar dan in het Frans. Ze heeft gelijk, niet te warm, beetje zon. Eerst de afdaling naar de Loire. Ik loop in mezlf te dichten. Dat gedicht komt nog wel, want dat is me door de volgende gebeurtenissen door het hoofd geschoten.
Opeens schrik ik op uit mijn trance, ik ben mijn waterfles vergeten. Ik weet precies hoe het komt, maar daar heb je weinig aan. Dom, dom, dom. In teruglopen heb ik geen zijn, dat zou anderhalf extra betekenen en ik weet geeneens of er iemand aanwezig is. Laat ik in Bully maar eens proberen te bellen. Eerst een klim, wat een uitzicht, wat een zweet. Het meisje van La Cure heeft de fles, la bouteille, en houder al gevonden en zich afgevraagd van wie die zou zijn. Van mij dus. Toevallig staat een van de mannen van de barbebue bij haar. Die wil hem wel even brengen. En ja, binnen een kwartiertje staat hij bij me. Bovendien krijg ik nog een handvol pruimen, die hij zojuist heeft geplukt. Bon voyage. Toch wel heel aardig.
Bij Senouche, zoek maar niet op waar dat is, het zijn drie huizen, ga ik op een muurtje zitten eten. Een jongeman komt direct een praatje maken en biedt me een pilsje aan. Hij woont en werkt in Dijon en is vandaag bij zijn ouders op bezoek. Over een weekje naar Biarritz op surfvakantie. Hij houdt van voetballen en gaat in het najaar naar Kopenhagen. En zo gaat het door. 'Nog één?', vraagt hij, maar die sla ik af, anders wordt de weg wat langer.
In Pommiers slaap ik op een camping in een caravan. Er zijn nog twee pelgrims, zegt de beheerder. Ik dacht eerst voor dezelfde caravan en kreeg het al een beetje benauwd. Dat blijkt gelukkig niet het geval. Het is namelijk warm, er staat geen zuchtje wind, en dan met drie lichamen in een piepkleine caravan. De beheerder is zeer vriendelijk en behulpzaam bij het zoeken naar een volgend adres. Gîte complet, zijn adressenboekje komt eraan te pas, morgen slaap ik in een caravan in Chablet, iets ten zuidwesten van Montverdun.
Simon schuift weer aan als ik mijn avondmaal nuttig en schudt zijn hoofd. De opvallendste gasten: een Nederlandssprekend stel, geen woord Frans, ze kunnen zogezegd nog niet tot deux tellen, bestelt uiteindelijk één patat en twee cola. Zij gaat dat ongegeneerd uit het flesje drinken, terwijl er een glas voor haar staat. Bovendien puilt alles uit haar te krappe jurk. Onsmakelijk op allerlei manieren. Twee tienermeisjes, waarvan er een duidelijk weet dat ze er wel goed uitziet, staan hun bestelling te doen voor de bar. Eigenlijk weten ze met hun houding nog geen raad en moet hun grote zonnebril dat maskeren. Een stel Aziatische mensen, grootmoeder, moeder en dochters, en later een aantal mannen, zetten zich aan een tafel. Ik denk Vietnamezen.
Ik lig vroeg in de caravan bij te komen van de warme dag.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten