Livinhac-Le-Haut - La Cassagnole 28 km 7:40-15:30 zon
Terwijl ik het restant van de macaroni eet, zie ik Fritz langskomen en groet hem. Voor de derde ochtend op rij begint het met een stijging in de mist. De etappe staat als licht in de boeken, maar met deze hitte is het laatste stuk behoorlijk pittig. Weer prachtige uitzichten.
Ik loop alleen en het liedje 'You don't miss your water, 'til your well runs dry' van William Bell, dat ik ken van de Byrds op de LP Sweetheart of the Rodeo schiet me te binnen. Hier moet je flesje water zeker niet leeg raken, maar het liedje heeft natuurlijk een diepere betekenis. Je mist pas echt iets, als je het niet meer hebt. Je auto die kapot is, waardoor je moet gaan lopen, jammer maar helaas. Er zijn ergere dingen. Je ouders die overleden zijn, ook al had je er niet zoveel contact mee. Je geliefde die zich in de armen van een ander heeft gestort. De vriendschap die door een misverstand op een laag pitje is komen te staan. Bedenk zelf maar iets wat je zou missen als je well is opgedroogd.
Net als gisteren is er weer een overvloed aan lekkere wilde bramen. Dat is nog eens smullen in de vrije natuur. Bij LeClerc tref ik het Belgische koppel, dat ik heb getipt op de winkel. Het is er heerlijk koel. Ik doe inkopen voor de avondpot, een pangaatje voor de afwisseling. Buitengekomen loop ik tegen een muur van warmte, niet te harden met nog een verradelijk lange klim voor de boeg. Het lijkt wel of La Cassagnole niet bestaat, wat een eind!
Alle bekenden komen weer binnen en we drinken en babbelen wat. Claude komt met een ijszak op zijn onderlip bij ons zitten, hij is gestoken door een wesp. Het beest had zich tijdens een telefoontje in zijn bierblikje genesteld en met het nemen van een slok toegestoken. Claude mag blij zijn dat het niet in zijn keel is gebeurd. Zijn lip neemt grootse vormen aan en hij wordt al snel schotellip genoemd. Puur leedvermaak. Gelukkig kan hij er zelf om lachen, maar zeer doet 't.
Iedereen heeft een repas besteld, maar ik had die vis al gekocht en zit nu in m'n uppie te eten. Hij smaakt lekker. De groep Belgen en Portugezen gaan morgen naar huis en neemt afscheid met de overgebleven flessen wijn. De stemming zit er goed in. Iedereen wil mijn blogadres hebben, nog even en ik word beroemd in het buitenland. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken, dat er één van hun toch wel op Raymond van het Groenewoud lijkt.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten