donderdag 21 juli 2011

Adrenaline

donderdag 21 juli Reims - Trèpail 26 km 8:45 - 16:00 regenachtig

Als we naar buiten miezert het, wat langzaam overgaat in wat meer water van boven. Het is even zoeken waar we naar beneden kunnen om tussen de twee kanalen in op het fietspad te komen. Dan volgt een wandeling van ruim twee uur naar Sillery. Behalve een enkele fietser, waaronder een Nederlands stel dat ons van het pad wil drukken, en wat schaars geklede Françaises die proberen aan de maat te blijven en die we natuurlijk uitgebreid bonjour zeggen, en wat Nederlandse boten de Vrij uit Ridderkerk en Independence uit Oostvoorne, is er nauwelijks ontspanning te krijgen.
Bij de jachthaven rechtsaf het dorp in. Eerst eens even wat eten. Claude gooit er om de zoveel uur wat pillen in voor zijn bloed en laat me een spuitbusje zien dat ik bij hem moet gebruiken als hij neervalt: één puf in zijn mond, niet meer want dat is slecht. Ik kan niet op het woord komen, maar later zich ik: het is zeker adrenaline?, wat ik ooit van mijn oudste dochter heb gehoord. Dat blijkt inderdaad het geval. Een hele geruststelling trouwens: wij midden in het bos, hij neer, en ik even een pufje toedienen. Mijn adrenalinepeil zal dan wel vanzelf stijgen.
Ik herken nog vele punten. Raar dat een mens zoveel opslaat. Daar staat de molen van Verzenay. Strategisch hoog gelegen is het in beide wereldoorlogen gebruikt als uitkijkpost, vertelt Claude me. We gaan over de weg naar Verzy en beginnen dan aan het echte werk. Het stijgt een paar honderd meter en dan volgt de Ballade des Faux. Een fau is en boom die zich vermeerdert doordat takken die de grond raken ter plaatse een nieuwe scheut vormen of doordat een wortel uitbot.
Ik weet blindelings het huis van Viviane te vinden. Ze komt juist de deur uit als ik wil aanbellen. De kamer is nu aan de overkant, bij haar zoon. Er staan vier bedden en net als we geïnstalleerd zijn, komt de jonge vrouw die we onderweg zijn gepasseerd, binnen. Wordt het toch nog gezellig. Na een wasbeurt van onszelf en onze kleding gaan we naar Viviane die ons voor thee heeft uitgenodigd. Ik geef haar de foto die twee jaar geleden van haar heb gemaakt. Ze is verbaasd en ontroerd tegelijk. Daarne gaat ze op haar praatstoel zitten.
Als we een tijd later op het kerkplein zijn biedt ze aan om ons rond te leiden. De kerk is een paar jaar geleden door Nederlandse studenten opgeknapt en daarbij zijn verschillende onbekende schatten gevonden, zoals een nisje in de vorm van een Jacobsschelp. Ze vertelt uitgebreid over de verschillende beelden, waarvan er enkele uit de 17e eeuw komen, b.v. die van St. Cucugna. Er staat een elektronisch kerkorgeltje met een paar registers, zelfs een 16-voets bourdon. Laat ik daar dan maar even op spelen, en zo geschiede. Viviane boodt me zelfs een baan aan.
We eten op mijn verzoek ratatouille, op zijn Vivs dat wel, ze is niet zo'n kokkin. Ja voor omelet kun bij haar terecht, maar daar kan mijn lichaam wat minder tegen. Ik doe haar de groeten van François. Ze moet lachen, die kent ze wel. De drankt vloeit rijkelijk en we slapen dan ook snel in.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten