maandag 29 augustus 2011

Santuario

maandag 29 augustus Nicorvo - Garlasco 27 km 07:25 - 16:10 zon
Door de klokslagen, elk uur twee keer de uurriedel en elk half uur een voorslag en de uurriedel, slaap ik wat onrustig, zeg maar gewoon slecht. Het geluid komt dwars door mijn oordoppen heen, en juist als ik slaap, moet er weer iemand naar de wc.
We lopen tussen het manshoge mais op graspaden, die nog niet door de zon zijn opgedroogd. Na een paar minuten zijn Claudes schoenen, veredelde gympen, doornat, mijn hoge wandelschoenen houden het langer uit, maar moeten er op den duur toch ook aan geloven.
In Montara is een postkantoor, tijd om wat overtollige ballast naar huis te sturen. Hier wordt nog gewerkt volgens het systeem de-dag-zal-wel-een-keer-teneinde-komen, het duurt en het duurt, voor alles moeten formulieren worden ingevuld en gestempeld. Zo werkten ze bij ons dertig jaar geleden. Na alle handelingen weeg ik toch vijf ons minder, die kopen we er even later in de vorm van fruit en brood wel weer bij.
De ganzen en eenden van de fokkerij gakken en kwaken als we langs lopen. Het is plat, er staat rijst of er groeit mais, de zoveelste dag op rij.
Op de begraafplaats van Remondo staan uit de kluiten gewassen grafmonumenten, daar kun je met z'n allen in, wordt het toch nog gezellig op het einde.
We lopen door naar Santuario Madonna della Bozzola even ten noorden van Garlasco, volgens Antonella, die ze telefonisch niet kon bereiken, een mooi onderkomen voor pelgrims. Het is heet met nauwelijks een reepje schaduw, en op de zandpaden kan ik de afdrukken van de schoenen van Alice volgen. In Santuario aangekomen blijkt het gebouw een opknapbeurt te krijgen en de waard van de bar duidt uit hoe we naar Garlasco moeten lopen. Het gezicht van Claude trekt een herkenbare grimas, en ik zeg, niet mee bemoeien, hij gaat in de schaduw zitten en ik ga wat regelen. Ik vraag de waard als hij me de weg buiten nog een keer aangeeft of hij het adres wil bellen. Dat doet hij, maar het kost bijna een half uur om de juiste persoon aan de telefoon te krijgen, we kunnen er terecht. Maar nu nog zorgen dat we niet hoeven te lopen. Ik doe of ik het niet helemaal begrijp, wat ook werkelijk zo is, en hij belt een man die Engels spreekt. Deze is bereid ons naar Garlasco te brengen, rugzakken in de kofferbak, wij in de auto, en binnen een paar minuten zijn we bij Chiesa San Rocco. In Santuario is aldus onze chauffeur een wonder gebeurd: een stom meisje kon na de verschijning van Maria weer spreken. De pastoor verwelkomt ons, en heeft een mooie kamer en badkamer in de aanbieding met elk half uur klokgelui. Terwijl Claude nog slaapt, verwen ik mezelf met een echt Italiaans ijsje.
In het restaurant kunnen we van alles eten, maar geen pasta, dan maar naar de Turk, waar we in een snoerhete zaak onze kebab heel snel naar binnen werken. Op het plein kom ik in een rustig avondwindje al schrijvend bij.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten