Di 28 mei Winsum - Groningen 19 km 8:30-12:30 zon, koude wind
Ondanks de aankondiging van de vrouw des huizes, dat ze niet zo vroeg zou opstaan, ze moest tot middernacht weg, staat het ontbijt toch om 8 uur gereed. Luid klinkt de muziek van Vivaldi, de Vier Jaargetijden. Eigenlijk wel toepasselijk, vandaag schijnt de zon. Ze geeft me nog een routewijziging.
Bij de bakker koop ik vier mueslibollen. Ze zijn net open, maar hebben er zin in. Bij elke zin gaat de stem van de vrouw omhooooog. Even buiten Winsum loop ik langs het Winsumerdiep. Een echtpaar op een boot zit vroeg van de zon te genieten en groeten me. Het landschap is weids en groen. Kikkers kwaken dat het een lust is, maar houden op als ze me horen. Ik val kennelijk niet in de smaak, behalve bij één, die luidkeels doorgaat. Dadelijk bespringt ie me nog.
Bij Garnwerd liggen enkele schouwtjes aangemeerd. Het doet me denken aan de mooie tochten die ik met oom Piet, van de koude kant, heb gemaakt. We filosofeerden 's avonds altijd heel wat af. Jammer, dat dat verleden tijd is.
In Oostrum staat een Romaans kerkje uit de 13e eeuw op een terp die deels is afgegraven. Op de begraafplaats er naast liggen oude graven van rond 1900, maar ook wel van later datum. Zo is er een van Jan Rot uit 2007. Ik wist niet dat ...
Een stel met een hond houdt ook stil. Hij vertelt, dat hij al veel van Frankrijk heeft gezien, maar nog nooit in Groningen was geweest. Ze lopen een week tot aan Schoonloo. Ze hadden al eerder willen gaan lopen, maar die regen hè.
In het Reitdiepgebied geeft het Groninger Landschap met bordjes aan dat het een rustgebied is. Dat lijkt mij wat overbodig, want op wat kikkergekwaak en geloei is er nauwelijks iets te horen. Moeder zwaan ordent haar nest nog eens, terwijl vader waakzaam ronddobbert. Twee vogels zitten elkaar wellustig achterna.
Bij de poort van een boerderij staat de volgende godvruchtige tekst op twee borden:
Al is de landman vol praktijk
Zijn arbeid maakt hem nimmer rijk
Maar het gewas dat God hem geeft
Dat is hetgeen waar hij van leeft
Nou, daar heb je niet van terug. Misschien iets voor mijn broer Julius, die al vele jaren biologisch tuiniert.
Ik steek het Van Starkenborghkanaal over. De naam ken ik nog van de lagere school. De naamgever was begin vorige eeuw burgemeester van Groningen en commissaris van de Koningin. Rechts is het Universiteitscomplex, het valt weg door de bomen, en links ligt Selwerderhof, een grote begraafplaats. Even verderop kom ik er weer een tegen, de Noorderbegraafplaats, waar een aantal joodse graven zijn. Veel grafzerken hebben een klokvormige bovenkant.
Even later ben ik op het overnachtingsadres, het is half één. De vrouw is nog niet thuis en ik bel haar, zoals we hadden afgesproken. Ze komt er aan en ik ga ondertussen wat eten in het aangrenzende parkje.
Na een douche en wat spullen gewassen te hebben ga ik de stad in. Groningen heeft veel te bieden en zo kom ik op A-Kerkhof, de Herenstraat en de Grote Markt, die u wel kent van het Monopolyspel. Daar staat de Martinitoren, ik ga er maar niet op, en loop langzaam richting Groninger museum. Er is een tentoonstelling van Russische schilderessen, Vrouwen van de Revolutie. Het werk van Ljoebov Popova spreekt me aan. Ze schildert in de stijlen kubo-futurisme, het suprematisme en constructivisme.
Groningen is oorspronkelijk een esdorp, dat is ontstaan op de uitloper van de Hondsrug. Een esdorp met boerderijen, een brink en essen is het allang niet meer. Het is nu een echte studentenstad met vele terrassen en uitgaansmogelijkheden. En onthoud de reclamespreuk: er gaat niets boven Groningen. Maar dan heb je het over de provincie.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten