zaterdag 1 juni 2013

Ezechiël

Za 01 juni Sleen - Coevorden 21 km 8:35-15:30 bewolkt, guur
Als ik zit te ontbijten schuift het stel van gisteren dat uitgebreid het boekje bestudeerde ook aan tafel aan. Hij is buschauffeur en woont in Tilburg, zij woont in Friesland. Ze hebben elkaar tijdens een busreis leren kennen, nu 1,5 jaar geleden. Ze lopen het Pieterpad in niet aaneen gesloten stukken, dan weer in het noorden en dan weer elders.
Na half negen wandel ik door het mooie Sleen met z'n keurig onderhouden tuinen, een lust voor het oog. Op een farm, waarom ineens Engels, houdt men alpaca's, een lama-achtig beest. Geen idee of ze die houden voor de melk, het vlees of de vacht.
In Dalerveen ben ik toe aan wat rust en eten. Bij een schooltje neem ik plaats op de rand van een zandbak. Net als ik weer wil opstappen komt een man met z'n zoontje aangefietst om te spelen op de toestellen. Hij begint tegen me te praten en vraagt of het stil is zo alleen, het zou hem niets lijken. Hij is aannemer en Hagenaar, maar na jaren in Katwijk gewoond te hebben is hij hierheen verhuisd. Zoonlief begint met zand te gooien en schreeuwt om aandacht. Pa snapt niet helemaal hoe hij dat moet aanpakken, dus daag ik het binkie uit om van de glijbaan te gaan. Even rust. Als aannemer is het niet best hier, hij krijgt weinig opdrachten van de mensen en ze willen alles zo goedkoop mogelijk, ze gunnen hem nauwelijks wat. De Polen, Turken en Marokkanen verwijt hij de markt te verpesten door geen belasting te betalen en daardoor onder de prijs te werken.
Buiten Dalerveen is een Joodse begraafplaats uit 18e eeuw. Volgens de profeet Ezechiël zullen alle overleden Joden eens lijfelijk uit hun graven worden opgewekt om terug te keren naar Israel. Vandaar dat Joodse begraafplaatsen in eigendom zijn.
Het is een saaie etappe, veel weilanden, er staat een gure wind en ik begin het zelfs koud te krijgen. Het 1 juni, de meteorologische zomer begint, en niet te vergeten wandelvriend Koos is jarig. Gefeliciteerd, old fellow.
Even buiten Coevorden gaat mijn mobieltje af, het is de gastvrouw. Dat is toevallig, want ik stond op het punt om haar te bellen om te vragen of ik vroeger langs kon komen om mijn spullen bij haar te deponeren. Zij vraagt, wanneer ik denk aan te komen. Ik zeg, dat ik aan de rand van de stad ben. 'Nog een half uur dus', concludeert ze, 'dan ben ik nog wel thuis, tot zo.' Met een pot thee word ik ontvangen en we praten direct honderduit. Na een half uur belt een man aan en drinkt ook mee. Hij komt haar halen met de auto. Ik blijf alleen achter in het huis en na een opfrisbeurt ga ik Coevorden in.
De stad heeft zijn glans verloren. Vroeger konden reizigers niet om de stad heen. Ook legers konden gemakkelijk worden tegen gehouden door de moerasgronden rond de stad. Wat ik aantref is nieuwbouw en - men heeft de laatste jaren z'n best gedaan om er nog wat van te maken - ook wat opgeknapte oude bouwwerken. Eigenlijk te droevig voor woorden, geen stad om op je verlanglijstje te zetten.
Terwijl ik wat adressen regel voor de komende nachten heeft de gastvrouw een nasischotel in elkaar geflanst. Ze kan niet zo goed koken, zegt ze, maar het smaakt mij prima. Onder het eten vertelt ze over de man van vanmiddag, haar ex, gescheiden vanwege zijn psychiatrische problemen. En we bevestigen elkaars verhalen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten