donderdag 30 april 2015

Eerste dag

Do 30 april Sevilla - Guillena 8:05-13:10 22km zon Sevilla, een mooie stad om een keer te bezoeken. Nu ik vandaag aan de tocht begin, wil eerst alle mensen bedanken die mij een e-mail met aanmoedigingen hebben gestuurd of via de telefoon nog even met mij hebben gesproken ter ondersteuning. Vandaag is mijn petekind Malou jarig. Van harte gefeliciteerd met je verjaardag. Je peetoom denkt toch maar weer aan je. Ik word wakker van een huilend kind. Dat heb ik al jaren niet meer meegemaakt. Het kind ligt niet op mijn kamer, het hostel is nogal gehorig. Het is 7:15 uur en het begint nu pas te schemeren. Een paar minuten na achten loop ik door de straten van een ontwakend Sevilla. Ik pak een brug te ver, maar dat is anders dan bij Arnhem niet erg. Aan een vrouw vraag ik naar de Calle Castillo. Ze wijst me zelfs een kortere weg, waarmee ik haar complimenteer. 'U moet wel een wandelaar zijn', zeg ik, 'anders had u me wel terug gestuurd.' Ze moet er danig om lachen. En zo begint de dag goed. Het is altijd moeilijk om zonder omwegen uit een stad te komen. De komende uren gaat de route nog door de aangrenzende dorpen en langs wegen. Dat is niet lekker om te lopen, maar het hoort erbij. Bij de koffiestop in Santiponce komen de eerste pelgrims voorbij: twee Franse vrouwen - ze hebben net in een eerdere tent koffie op - en een Spanjaard. Dit is een oud Romeins stadje, waar nog een amfitheater is. Dit is van een uitkijkpunt te bezichtigen. Na nog een stuk langs en onder wegen door ligt daar een lange rechte landweg voor me. Hij loopt 7,5 km tussen korenvelden door en er is geen schaduw. De enige afleiding zijn vlinders in verschillende kleuren en planten: kamille, klaprozen, distels, dat soort. In de verte voor me glinsteren de witte huizen van Guillena en als ik me omdraai zie ik nog de hoge kantoortoren van Sevilla. Grote schijfcactussen staan in bloei, gele bloemen. Net voor Guillena komt een motorrijder me tegemoet en wijst me ongevraagd de weg. Een geitenhoeder met zijn kudde gaan me voor. In het plaatsje komt Pilar van albergue Luz de Camino me tegemoet en beveelt me haar onderkomen aan. Voor 12 Euro heb ik een bed en ontbijt, en wordt de was gedaan. Nu eerst wat eten halen in de supermercado en dat opeten. Daarna douchen en rusten. Ach het leven van een pelgrim is nog niet zo slecht. Op mijn kamer slapen ook de Nederlanders Kees en Ben. Zij lopen twee weken. De Spanjaard die ik eerder tegen kwam, overnacht ook hier. Hij heet Jesus. Even wat vochtaanvulling nuttigen en even later schuiven mijn kamergenoten aan met hetzelfde doel. Onder een menu peregrino lossen we de wereldproblemen op. Dijsselbloem en Souvlaki kunnen aanschuiven voor het Griekse probleem. Kosten 6 Euro p/p voor het diner.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten