De Via de la Plata is een mooie wandelroute van 1.000 kilometer. Hij start in Sevilla in Andalusie en gaat via Extramadura, Castilla y Leon en Galicia naar Santiago de Compostela. Onderweg doet hij de mooie steden Salamanca, Zamora, Caceres en Ourense aan. In de zuidelijke regio's was het warm tot zeer warm met temperaturen boven 35 graden. In Castilla y Leon was het in de vroege ochtend koud met een snijdende noorden wind. Misschien was Galicia nog het aangenaamst om te lopen. Gedurende mijn tocht heb ik tien druppels regen gehad, door m'n jas werd ik natter. Maar van mensen onderweg hoorde ik, dat het in dezelfde periode vorig jaar bijzonder slecht weer was met veel regen.
De Via is niet geschikt voor ongeoefende lopers. Soms liggen de dorpen waar overnacht kan worden op meer dan 30 km van elkaar, of juist zo dicht bij elkaar dat je twee etappes aan elkaar knoopt omdat je anders om 11 uur in de ochtend uitgelopen bent. Bovendien kan het pad zwaar zijn, doordat het over steenslag loopt, steil naar boven of beneden gaat, of juist langdurig vals plat is. Ook loop je soms kilometers langs de autoweg.
Doordat ik alleen op pad was kon ik me gemakkelijk aansluiten bij anderen. Dat wil niet zeggen, dat ik de gehele bij anderen liep. Vaak is het zo, dat er wordt afgesproken wat de volgende overnachtingsplaats is. Mensen lopen dan in een groepje of alleen naar die plaats. En leden van een groepje lopen vaak honderden meters uit elkaar. De ontmoeting met vreemde mensen is voor mij een bijzondere ervaring. Er ontstaan altijd wel leuke of interessante gesprekken. En voor je taalontwikkeling is het bijzonder goed.
Ik bedank de vele hospitaleros voor hun werk in de albergues en hostals. Zonder hen is een dergelijke tocht niet mogelijk.
Ik bedank mijn medepelgrims voor hun ondersteuning en hun leuke of interessante gesprekken. Zonder volledig te zijn wil ik er een aantal noemen: Ben en Kees, de heren van het eerste uur met wie ik vele wereldproblemen onder een pint heb opgelost, de stoere meiden Riecky en Annelies, het drietal Luiciano, Jorge en Augustine met wie ik het langste heb opgetrokken, de Duitse dames Gabriëlle, Mona en Sophia, Marcello de Madrileen die mij veel over zijn land heeft verteld en zijn Italiaanse maatje Alberto, Michael de Welshman, Paddy de Ier, Victor de Rus en natuurlijk Guy, waarbij ik mijn Frans weer kon ophalen.
Spanje, een mooi land. Wat zal de volgende tocht zijn?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten