donderdag 4 juni 2015

Rad van avontuur

Wo 3 juni Ourense - Oseira 32 km 6:30-14:05 bewolkt/zon
Even lezen, hoe we moeten handelen om de deur en het rolhek te openen, de sleutelbos in de bak te deponeren en toch buiten te geraken. Maar daar we op het door straatlantaarns verlichte praza voor ons hostal om de etappe aan te vangen. Wat me altijd in de straten van steden opvalt is dat je maar heel weinig mensen ziet en dan alleen schoonmakers. In onze steden krioelt het dan al van mensen die naar hun werk gaan. Gisteren hadden we de gele pijlen op de Ponte Romana al gezien. Vandaar uit gaat het noordwaarts langs de weg om uiteindelijk onder een gigantisch hoog spoorviaduct uit te komen.
We nemen de westelijke route. Bij een smalle tunnel moeten voetgangers eerst op een knop drukken om groen licht te krijgen, en doe het maar anders ben je pelgrim af. De weg stijgt en blijft dat doen. Ik zweet me te pletter. Hier in Galicia is het door de oceaaninvloed veel vochtiger, dan in het binnenland. Ik lijk wel een fontein. En dan al die auto's op die smalle weg. De een rijdt nog harder dan de ander. Als ik boven ben, zegt Jorge bemoedigend: nog een uur.
We komen bij een bar die wordt gerund door Cesar, een flamboyant figuur. We zijn de eersten vandaag, hij komt net zijn huis uit. Op tafel staan verschillende dingen om te eten en voor Jorge bakt hij een paar lapjes vlees die hij op aanraden van Luiciano heeft besteld. Daar vind ik het te vroeg voor en vraag om brood met chorizo. Aan de wand hangt een gitaar en uiteraard, het wordt White line fever, want pelgrims hebben daar ook last van. Cesar is vrachtwagenchauffeur geweest en kent Nederland en Duitsland goed. Hij weet nog te vertellen over Ter Meulen, waar een nicht van hem werkte en het Shell-gebouw aan het Hofplein. Hij spreekt een paar woorden Nederlands. Het wordt steeds gezelliger en dan verschijnt ook Gabrielle nog. Even daarvoor was er al een Duitse knaap binnen gekomen. En, vraagt Jorge, heb je de Gabrielle method gebruikt? Zo noemt hij de wijze waarop zij de camino doet: af en toe een stukje met de bus of taxi. Gisteren hebben we daar al verschrikkelijk om gelachen. Ze is nu de gehele weg gelopen, een prestatie. Cesar vindt Gabrielle wel leuk, ze is ook een leuke vrouw, en hij kruipt dicht tegen haar aan. Waarschijnlijk wordt hij verliefd op iedere leuke vrouw die langskomt. Van iedere pelgrim wordt een foto gemaakt. Hij heeft er al meer dan vierduizend, die op een scherm continu worden getoond.
We vervolgen met z'n vieren de weg naar Cea. De bewolking breekt en het wordt aangenaam warm. Het is heuvelachtig met bossen. In Cea even bijkomen en voor de waarschijnlijk allerlaatste keer afscheid van Gabrielle, zij blijft hier en wil pas 9 juni in Santiago zijn. We moeten een paar keer de weg naar het klooster van Oseira, want die is niet duidelijk aangegeven. Jorge staat nog te twijfelen om rechtstreeks naar Laza te gaan en met nog twee lange etappes op vrijdag in Santiago aan te komen. Uiteindelijk ziet hij er geen voordeel in.
Even na twee uur zijn we in de herberg van het Cisterciënzer klooster. Vooraf heb ik al aan Jorge gevraagd of hij een kurk heeft meegenomen voor het geval dat. Er staat een soort draaischijf in de herberg. Ik grap tegen Jorge, die is voor het avondspel, een soort rad van avontuur. Met de eerste keer dat de monnik er aan draait wordt het bed aangewezen, met de tweede keer het spel. En een lol dat we hebben. De bar is dicht, dus gaan we ons maar douchen en slapen. Kennelijk ben ik zo moe dat ik werkelijk slaap. Tegen zes uur word ik wakker. Tijd voor een maaltijd. Veel keuze is er niet, het wordt twee bier en een bord spaghetti. De hospitalero is inmiddels in de herberg en schrijft de pelgrims in. Om 19:15 uur is er een vesper. Wij gaan er heen. Niet dat Jorge nog veel van het katholieke moet hebben, maar hij is er wel mee opgegroeid. De monniken komen een voor een binnen in de kleine kapel. Aan iedere kant nemen er vier plaats, van oud naar jong, terwijl er ook een achter het orgel kruipt. Recht voor me hangt een groot kruis met Jezus, die de geest heeft gegeven. De organist zet in, maar het blijkt het verkeerde lied te zijn. Een monnik wijst hem wat geërgerd het juiste lied aan. Tijdens de liederen valt me op, dat het gezang mat is. De geest is eruit. Na de vesper leidt Lucas, de hospitalero, ons rond. Jorge geeft aan dat hij moet overgeven, hij ziet lijkbleek. We lopen naar de kamer van Lucas, waar Jorge de inhoud van zijn maag in de wc deponeert. Hierna gaat er een pil in, want in Spanje behandel je alles met een medicijn. Lucas laat ons de bibliotheek zien, iets wat hij eigenlijk niet mag doen. Indrukwekkend al die boeken. Na de rondleiding zit ik nog geruime tijd met hem na te praten. Hij is Belg, een man van 77 en heeft een bouwbedrijf gehad. Toen hij 65 was is hij van België naar Santiago gelopen. Hij had destijds een vriendin, maar die zette hem voor de keuze. Nu is hij drie, vier maanden per jaar hospitalero in het Monesterio en heeft in de loop van de jaren al veel verbeterd. Van de vorige abt mocht hij veel, de huidige abt houdt de touwtjes strak. Daarom was de sfeer onder de monniken vroeger ook veel beter dan nu. Wat een man kan doen in een samenleving. Ach, dat heb ik in mijn werkzame leven ook wel eens meegemaakt. Drama. Ik bedank Lucas hartelijk voor het gesprek. Ook hij vond het aangenaam weer eens Nederlands te praten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten