Vr 15 april Alquife - Guadix 23 km 07:55-13:30 zon
Lacho maakt het ontbijt voor mij. Nou ja, hij zet een bordje neer met twee soort van donuts, gemaakt door een vrouw die hij gisteren in de bar heeft aangewezen, en een ketel warm water waarvan ik thee kan zetten. Hij blijft er hoestend en proestend bij zitten. Roken, bekent hij schuldbewust. Hij is 45, maar ziet er door zijn ongezonde levensstijl tien jaar ouder uit. In de bar nam hij een hamburger waarvan het vet en de saus over zijn handen droop. Wij nemen hartelijk afscheid.
Ik mag eerst een halve km lopen om in het dorp weer op de Camino te komen en dan linksaf. Het gaat redelijk snel tot ik vijftig meter moet dalen naar de droge bedding van Rio Guadix om aan de andere kant hetzelfde aantal meters te mogen stijgen om in het dorp Jerez de Marquesado uit te komen. Op de achtergrond piekt de besneeuwde Picon de Jerez, een drieduizender.
De laatste dagen zie ik overal betonnen goten met schuiven voor de bevloeiing van het land. De eeuwenoude rommel heeft kennelijk plaats gemaakt voor modern materiaal.
In Cogollos de Guadix wil de barman per se een stempel in mijn credenciaal zetten. Hij is tenslotte van de organisatie en wil dat uitdragen.
Nu volgen ruim 12 km zonder gehucht. Op zich niet zo'n probleem, als je maar rekening houdt met het vocht. In de omgeving alleen amandel- en olijfbomen en natuurlijk ook een rivierbedding.
Het is teveel eer om bij mijn binnenkomst vuurwerk af te steken, maar achter elkaar gaan de pijlen omhoog. Guadix is een wat grotere plaats met 23.000 inwoners en veel toeristen. Bij het informatiepunt voor pelgrims loop ik het museum door om een medewerker te vinden. Heb ik dat ook gezien. Ik krijg een kaartje waar op aangegeven wordt hoe ik moet lopen. Ik hoor nog Nederlands, die mensen vind je toch in elke uithoek. Een mirador biedt een fraai uitzicht over de stad. Er zijn veel grotwoningen, een Alcazaba en een kathedraal. Ik ga naar het oude centrum waar ik gitanos tegenkom.
Bij Calle San Jose 6 bel ik aan. Geen gehoor. Ik besluit om wat eten te gaan kopen. Onderweg komt een vrouw, type Elske, nicht van mijn eega, me tegemoet. Linkerarm in een mitella. Ik heb je nog gebeld, zegt ze. Twee keer drie zoenen, zij bestiert de albergue. En ze begint uitgebreid over alles te vertellen. Ik hoef weinig te zeggen, want dat weet zij toch al. De albergue is een oude woning met een Romaanse patio, Ionische zuilen en een fontein. Ook staan in verschillende ruimtes oude voorwerpen opgesteld. Ben zou hiervan gaan kwijlen, maar ja, als je te lui bent om de gehele Camino te lopen dan mis je dit. Mariangeles is beeldhouwster, vandaar die arm. Ze wil naar het ziekenhuis in ... Granada. Ik schat toch gauw 80 km hier vandaan. Ze legt me de sleutel procedure uit, want ze blijft in Granada.
Na een drankje op het plaza breng ik mijn schoenen naar de zapeteria, de schoenmaker. De zaak is een grote hoop schoenen en zooi. Hoe iemand hierin kan werken. De zool is bij de ene schoen aan de voorkant wat los gegaan en bij de andere de zijkant. Over een half uur zijn ze klaar.
Ik ga naar de kathedraal. Na het bedrag van 4,50 Euro te hebben overhandigd, mag ik naar binnen. Het interieur is mooi. En daar staat het beeld dat Mariangeles heeft gerestaureerd. Werkelijk schitterend gedaan. Er loopt een man achter elkaar rondjes door de kerk. Misschien moet hij boete doen. Een geweldig orgel met trompetsectie. Jammer, dat het niet wordt bespeeld. Verder zijn aparte ruimtes met schilderijen, reliekhouders en documenten te bewonderen, zelfs een paar van Filips II.
Terug bij de schoenmaker, schoenen zijn netjes gemaakt voor het bedrag van 2 Euro. Hij vraagt wat het in Nederland kost om nieuwe zolen er onder te zetten. 50 Euro, zeg ik. Er zijn goede zolen onder gezet, zegt hij, geel vibram is goed, rood niet. Ik plaats ze voor 20 Euro. Wat een prijsverschil!
Bij een sportzaak koop ik een paar nieuwe sokken. Vanaf de eerste dag heb ik blaren onder mijn voeten, wat ik nog nooit heb gehad. Voor wisselgeld moet de vrouw verschillende winkels af.
Vorig jaar moest ik voor Michael de Welshman maandverband halen voor onder zijn voeten, die helemaal onder de blaren zaten. Hoe hij ermee heeft kunnen lopen, is mij een raadsel.
vrijdag 15 april 2016
Mariangeles
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten